Communautaire nieuwsbrief nr. 52

Geregeld verspreidt het Vlaams Belang een ‘communautaire nieuwsbrief’. Hierin vindt men een overzicht van de tussenkomsten, vragen en ingediende voorstellen met een communautaire invalshoek van de Vlaams Belang-parlementsleden van de voorbije weken. Via de onderstaande verwijzingen kan u rechtstreeks doorklikken naar de integrale teksten. U kunt deze nieuwsbrief voortaan ook hier raadplegen. Hieronder de 52e nieuwsbrief!

Vlaams Parlement – Vraag om uitleg

van Tom Van Grieken aan Vlaams minister-president Geert Bourgeois

Het stemrecht voor Vlamingen in het buitenland voor de verkiezingen van het Vlaams Parlement

https://www.vlaamsparlement.be/commissies/commissievergaderingen/1118738/verslag/1119887

 

Kamer Schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Binnenlandse Zaken Jambon

De vergaderingen van de provinciegouverneurs krachtens artikel 13bis van de Provinciewet

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0106.pdf pg. 94

 

Kamer Schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Financiën Van Overtveldt

De actuele personeelsbezetting van het taalkader van de Centrale Diensten van de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen van de FOD Financiën

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0106.pdf pg. 291

 

Kamer Schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Mobiliteit Bellot

Belgocontrol – Actuele stand van zaken m.b.t. de invulling van de taalkaders

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0106.pdf pg. 368

 

Wallonië steeds afhankelijker van OCMW-infuus

In 2015 besteedde de federale overheid meer dan 1 miljard euro aan terugbetalingen aan OCMW’s. Nauwelijks iets meer dan één vierde daarvan ging naar Vlaanderen. Veruit de grootste slokop blijft Brussel, maar ook in Wallonië gaat het volledig de verkeerde kant op.

Dat blijkt althans uit het antwoord dat VB-kamerlid Barbara Pas kreeg van minister voor Maatschappelijke Integratie Borsus, toen ze de cijfers opvroeg over de terugbetalingen die de federale overheid de jongste vijf jaar aan de OCMW’s verrichte.

Van die 1 miljard ging namelijk 266 miljoen (26,4%) naar Vlaanderen, 434 miljoen (43%) naar Wallonië, en niet minder dan 309,5 miljoen (30,6%) naar Brussel. Uitgedrukt in uitgaven per inwoner, komt dat voor Vlaanderen neer op 74 euro, voor Wallonië op 121 euro of 1,6 keer meer dan in Vlaanderen en voor Brussel op maar liefst 263 euro of 3,5 keer meer dan in Vlaanderen.

Barbara Pas: “Dat de sociale zekerheid één grote transfermachine van welvaart van noord naar zuid is, weten we al jaren, en wordt met deze cijfers nog maar eens bevestigd. Het is immers al decennia  zo dat Vlaanderen instaat voor het gros van de financiering van de federale overheid en dus ook van de sociale zekerheid, terwijl Brussel en Wallonië de grootste afnemers zijn als het op de uitgaven ter zake aankomt. Hoe lang zullen de Vlamingen het uitmelken van Vlaanderen nog dulden?

Bekijkt men bovendien de evolutie van de jongste vijf jaar, dan zien we bovendien dat het in Wallonië verder de verkeerde kant uitgaat. In de periode 2011-2015 daalde het Vlaamse aandeel in federale OCMW-terugbetalingen systematisch van 30% in 2011 tot 26,4% in 2015, in Brussel was er eerst min of meer een status quo en de jongste jaren een lichte daling, terwijl het aandeel van Wallonië systematisch opliep van 37% naar 43%. Elk jaar steeg met andere woorden het Waalse aandeel in het geheel van de federale OCMW-uitgaven met meer dan 1%!

Barbara Pas: “Deze evolutie toont duidelijk aan dat Wallonië, ondanks het decennialange infuus vanuit Vlaanderen, zijn zaken niet op orde krijgt. Er is dus duidelijk structureel iets mis met dit transfersysteem. Wij zeggen al jaren dat Wallonië geresponsabiliseerd moet worden, dat het zélf verantwoordelijk moet worden in plaats van te blijven vegeteren in de hangmat die de sociale zekerheid is. Alleen op die manier kan Wallonië de tering naar de nering zetten en zijn herstel bewerkstelligen. Wij herhalen dan ook onze eis om de sociale zekerheid te splitsen. Brussel daarentegen is een ander verhaal, want daar is het duidelijk dat de hoge OCMW-uitgaven het rechtstreekse gevolg zijn van het feit dat de traditionele partijen jarenlang vanuit de derde wereld armoede hebben geïmporteerd. We zien wat de gevolgen daarvan zijn. Deze cijfers zouden de beleidsmakers toch eens aan het nadenken moeten zetten, want deze situatie is niet langer houdbaar.

Linkebeek: Franstalige provocaties blijven aanhouden

Vlaams Belang vraagt dat Liesbeth Homans regeringscommissaris stuurt die orde op zaken stelt

Vandaag bereikt ons het nieuws dat de Vlaamse oppositiefractie Prolink uit de Linkebeekse gemeenteraad klacht zal neerleggen bij de Vlaams-Brabantse gouverneur tegen het feit dat een aantal Franstalige raadsleden tijdens de raadszitting maandagavond in de Franse taal zijn tussengekomen. Vlaams Belang-voorzitter Tom Van Grieken is weinig verrast over deze gang van zaken.

Begin dit jaar werd Yves Ghequiere (LB) voorgedragen als nieuwe burgemeester van Linkebeek. Wie dacht dat de Franstalige provocaties in de Vlaams-Brabantse gemeente met deze voordracht zouden ophouden, komt echter van een koude kermis thuis. Vandaag blijkt inmiddels dat men in de Linkebeekse gemeenteraad gewoon Frans spreekt. Yves Ghequiere, die voorgedragen is als nieuwe burgemeester en bij afwezigheid van partijgenoot Damien Thiéry de raad voorzat, vond dat allemaal blijkbaar best en trad hier dan ook niet tegen op.

Het is opmerkelijk te noemen dat Thiéry en zijn trawanten de communautaire provocaties niet kunnen laten, des te meer omdat Thiéry in de kamer zetelt voor MR, de coalitiepartner van de N-VA. Tom Van Grieken: “Ik kan niet zeggen dat ik verrast ben over deze gang van zaken. Dat de MR haar kamerlid niet terugfluit, wijst er voor de zoveelste keer op dat de  zogenaamde communautaire vrede maar van één kant komt. De Franstalige provocaties gaan in Linkebeek gewoon door. Blijkbaar maakte het optreden van bevoegd minister van Binnenlands Bestuur Homans van de afgelopen jaren totaal geen indruk. De N-VA bewijst voor de zoveelste maal dat ze in deze niet meer is dan een Vlaamse Leeuw zonder klauwen.”

Het Vlaams Belang vraagt dat minister korte metten maakt met de francofone provocaties in Linkebeek en een regeringscommissaris stuurt naar de Vlaams-Brabantse faciliteitengemeente die er orde op zaken stelt en de wet opnieuw laat toepassen. Ook moeten tuchtrechtelijke procedures opgestart worden, zowel tegen schepen Thiéry als tegen burgemeester Ghequire.

Communautaire nieuwsbrief nr. 51

Geregeld verspreidt het Vlaams Belang een ‘communautaire nieuwsbrief’. Hierin vindt men een overzicht van de tussenkomsten, vragen en ingediende voorstellen met een communautaire invalshoek van de Vlaams Belang-parlementsleden van de voorbije weken. Via de onderstaande verwijzingen kan u rechtstreeks doorklikken naar de integrale teksten. U kunt deze nieuwsbrief voortaan ook hier raadplegen. Hieronder de 51e nieuwsbrief!

Vlaams Parlement – Schriftelijke vraag

van Chris Janssens aan Vlaams minister-president Geert Bourgeois

Intra-Belgische protocolafspraken – Herziening

http://docs.vlaamsparlement.be/pfile?id=1238963

 

Vlaams Parlement – Schriftelijke vraag

van Stefaan Sintobin aan Vlaams minister van Sport Philippe Muyters

Wielerbond Vlaanderen – Werking

http://docs.vlaamsparlement.be/pfile?id=1239521

 

Vlaams Parlement – Schriftelijke vraag

van Stefaan Sintobin aan Vlaams minister van Sport Philippe Muyters

Vlaams sportbeleid – BOIC

http://docs.vlaamsparlement.be/pfile?id=1239522

 

Kamer – Amendement ingediend in plenaire vergadering

Van Barbara Pas

Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 2 maart 1954 tot voorkoming en beteugeling der aanslagen op de vrije uitoefening van de door de Grondwet ingestelde soevereine machten

http://www.dekamer.be/FLWB/PDF/54/1884/54K1884006.pdf

 

Kamer Mondelinge vraag

van Barbara Pas tot minister van Ambtenarenzaken Vandeput

De functionele tweetaligheid

http://www.dekamer.be/doc/CCRI/pdf/54/ic592.pdf pg. 1

 

Kamer Stemverklaring in plenaire vergadering

van Barbara Pas

De onaanvaardbare adviespraktijk van de Vaste Commissie voor Taaltoezicht inzake een aantal gewestelijke diensten die onder artikel 35, § 1 van de taalwet in bestuurszaken vallen

http://www.dekamer.be/doc/PCRI/pdf/54/ip158.pdf pg. 48

 

Kamer Schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Binnenlandse Zaken Jambon

De taalwantoestanden bij het Brusselse Erasmusziekenhuis

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0103.pdf pg. 150

 

Kamer Schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Financiën Van Overtveldt

Diensten “Grote Ondernemingen” met zetel in Brussel – Taalgebruik

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0103.pdf pg. 263

 

Kamer Schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Post Decroo

BIPT. De taalkennis van het personeel

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0105.pdf pg. 127

 

Kamer Schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Financiën Van Overtveldt

Het taalgebruik door ambtenaren van de Nederlandse taalrol

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0105.pdf pg. 241

Alles voor een bord Belgische linzensoep?

Ik ontwaar telkens weer opnieuw een mantra-achtig vast patroon als het om de toepassing van de taalwetgeving in Brussel gaat:

  1. Er bestaat een taalwet op papier.
  2. Tal van Brusselse instellingen houden er geen rekening mee.
  3. Er worden klachten ingediend bij de Vaste Commissie voor Taaltoezicht.
  4. De Vaste Commissie voor Taaltoezicht geeft adviezen aan de overtredende instellingen.
  5. De toestand blijft zoals hij is.
  6. De VCT is niet bij machte om de toepassing van de taalwet af te dwingen.
  7. De bevoegde minister geeft niet thuis en kijkt de ander kant op.
  8. Het parlement neemt geen initiatief om de taalwet te doen afdwingen.
  9. Er bestaat een taalwet op papier. (= herhaling van punt 1)

Herhaaldelijk heb ik de minister van Binnenlandse Zaken geconfronteerd met blijvende wantoestanden. Het niet naleven van de taalwetgeving is een oud zeer, vooral in Brussel.  Sinds juni 2014 behandelde de Vaste Commissie Taaltoezicht (VCT) 100 klachten over inbreuken van de taalwetgeving door de gemeenten in het Brussels Gewest. 96 hiervan waren gegrond. De federale minister van Binnenlandse Zaken (N-VA’er en ex-Vlaamse Beweger Jan Jambon) zou daar op zijn strepen kunnen staan. Hij verklaart zich echter onbevoegd en schuift het af op de Brusselse regering, wat onzinnig is, want de taalwetgeving in Brussel is nog altijd federale materie.

Wat hij bijvoorbeeld wel zou kunnen doen, is een ambtelijke werkgroep samenroepen en met de opdracht te belasten de problematiek van de niet-toepassing van de taalwet in Brussel-Hoofdstad te bestuderen en binnen een termijn van zes maanden voorstellen te laten formuleren die ertoe strekken de huidige bepalingen van de taalwet in bestuurszaken met betrekking tot Brussel-Hoofdstad voortaan correct te doen toepassen.

Wat hij ook zou kunnen doen, is wettelijke initiatieven nemen om de afdwingbaarheid van de taalwetgeving te regelen.

Hoe zit de vork in de steel?

In het verlengde van de uitwerking van de taalwetgeving in bestuurszaken in 1963, werd de Vaste Commissie voor Taaltoezicht (verder: VCT) opgericht, die tot taak kreeg om te waken over de toepassing van de gecoördineerde wetten op het gebruik der talen in bestuurszaken van 18 juli 1966. Daarbij werd de VCT opgevat als een adviesorgaan. Zij kon bijgevolg enkel adviezen uitvaardigen die, zoals bekend, juridisch geen enkel dwingend karakter hebben om de toepassing van de taalwetgeving effectief af te dwingen van overheden die overtredingen begaan inzake de taalwetgeving in bestuurszaken. Het gevolg was en is dat vooral Brusselse overheden, bij gebrek aan haalbare sanctioneringmechanismen, massaal en volkomen ongestraft de taalwetgeving in bestuurszaken ten nadele van de Brusselse Vlamingen overtraden en nog steeds overtreden, en dit ondanks het feit dat de taalwetgeving een wetgeving van openbare orde is. Eenzelfde vaststelling kan men doen in tal van rand- en taalgrensgemeenten.

In het kader van de Sint-Michielsakkoorden werd voor de problematiek inzake de weigering van Brusselse instellingen om de taalwetgeving in bestuurszaken na te leven, in een uitweg voorzien. Bij de wet van 16 juli 1993 werd aan de gecoördineerde wetten op het gebruik der talen in bestuurszaken van 18 juli 1966 onder meer een § 8 toegevoegd aan artikel 61, dat er onder meer toe strekt subrogatierecht (in de plaatsstelling) te verlenen aan de VCT. Hierdoor beschikt de VCT sinds 1 januari 1995 in een beperkt aantal taalwetsovertredingen door Brusselse overheden over de mogelijkheid om zelf de nietigheid van onwettige handelingen of documenten vast te stellen. Tevens kan zij zich vervolgens ‘in de plaats stellen’ van de overheid die de taalwet weigert toe te passen. Concreet betekent dit dat de VCT op taalkundig gebied zelf uitvoert wat de overtredende overheid weigert te doen, en dit op kosten van deze overheid. De VCT zou bijvoorbeeld: zelf in de plaats van een onwillige Brusselse overheidsdienst een document kunnen laten drukken en verspreiden, dat conform de bepalingen van de taalwet in bestuurszaken is opgesteld; zelf akten kunnen opstellen; zelf een Nederlandstalige loketbediende voor een gemeente kunnen aanwerven, die weigert dit zelf te doen, enz. De VCT kan in deze gevallen dus zelf optreden als een administratieve overheid, zodat haar handelingen een dwingend en bindend karakter hebben.

De toepassing van deze procedure is echter wel aan de volgende beperkingen gebonden:

  • Ten eerste is deze procedure toepasbaar voor klachten die afkomstig zijn van klagers die woonachtig zijn in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  • De klachten moeten ingediend zijn door privépersonen.
  • Bovendien moeten deze particulieren een belang hebben bij de zaak die zij aanklagen.
  • Ook kan zij enkel worden toegepast voor klachten betreffende het taalgebruik door de Brusselse administratieve overheden ten opzichte van particulieren en het publiek. Deze klachten moeten betrekking hebben op de volgende zeven gevallen:
  1. de berichten, mededelingen en formulieren die voor het publiek bestemd zijn, met inbegrip van de bekendmakingen die betrekking hebben op de burgerlijke stand;
  2. de berichten en mededelingen die voor de toeristen bestemd zijn;
  3. de betrekkingen met de particulieren, met inbegrip van de antwoorden aan de particulieren;
  4. de akten die de particulieren betreffen, met inbegrip van hun gewaarmerkte vertaling;
  5. de aan particulieren uit te reiken getuigschriften, verklaringen, machtigingen en vergunningen, met inbegrip van hun gewaarmerkte vertaling;
  6. de diploma’s, studieattesten en studiegetuigschriften en
  7. de bekendmaking van koninklijke en ministeriële besluiten.
  • Ten slotte bestaat er een verjaringstermijn van vijf jaar. Wanneer de VCT een dergelijke klacht heeft ontvangen, heeft zij volgens de wet 45 dagen om een advies uit te brengen. In haar advies kan de VCT de overtredende overheid vragen om, binnen een door de VCT bepaalde termijn, de nietigheid van de aangevochten handeling of het document vast te stellen. Weigert de overheid hierop in te gaan binnen de door de VCT vastgestelde termijn, dan kan de VCT deze handeling zelf op kosten van deze overheid uitvoeren. Deze bepalingen zijn echter zeer vrijblijvend. Alhoewel de VCT met deze nieuwe wetsbepaling sinds 1 januari 1995 over dwingende middelen beschikt om de taalwetgeving te doen toepassen, blijkt in de praktijk dat de VCT weigert om van deze mogelijkheid gebruik te maken.

Een simpele oplossing

De afgelopen twintig jaar werden door talrijke burgers immers vele tientallen klachten ingediend bij de VCT tegen Brusselse overheden die herhaaldelijk, moedwillig en blijvend de taalwetgeving en de adviezen van de VCT negeren, waarbij door deze klagers uitdrukkelijk aan de VCT werd gevraagd om gebruik te maken van haar subrogatierecht. In geen enkel geval heeft de VCT hiervan tot nog toe gebruik gemaakt. Daarbij komt dat de VCT in haar adviezen ter zake nooit enige verantwoording heeft gegeven waarom dit niet gebeurde. Daardoor bleven de klagers volledig in het ongewisse. Uiteraard speelt ook het vrijblijvende werkwoord “kan” in de interpretatie van de wetgeving hierin een belangrijke rol. Uit de praktijk blijkt bijgevolg dat het ingevoerde subrogatierecht een dode letter is gebleven, zelfs voor de meest eenvoudige taalwetovertredingen. De oorzaak hiervan moet in hoofdzaak worden gezocht in de communautaire en partijpolitieke samenstelling van de VCT, die een efficiënte en juridisch correcte werking, zoals deze in een democratische rechtsstaat mag worden verwacht, volkomen onmogelijk maakt. Teneinde de taalbelangen van de Brusselse Vlamingen veilig te stellen, komt het er dus in de eerste plaats op aan de werking van de VCT te versterken door het vrijblijvende karakter van sommige bepalingen te vervangen door dwingende bepalingen.

Ik diende in die zin reeds een heel eenvoudig en niet ingewikkeld wetsvoorstel in, waarin ik voorstelde om slechts één woord te wijzigen in de bestaande wetgeving:

Huidige tekst: Indien de betrokken overheid binnen de door de Commissie gestelde termijn de aanmaning niet in acht heeft genomen, KAN de Commissie in plaats van de in gebreke gebleven overheid alle maatregelen nemen die nodig zijn om de naleving van bepalingen van deze gecoördineerde wetten of van de koninklijke besluiten die ermee in verband staan te verzekeren.

 Mijn tekst: Indien de betrokken overheid binnen de door de Commissie gestelde termijn de aanmaning niet in acht heeft genomen, ZAL de Commissie in plaats van de in gebreke gebleven overheid alle maatregelen nemen die nodig zijn om de naleving van bepalingen van deze gecoördineerde wetten of van de koninklijke besluiten die ermee in verband staan te verzekeren. 

 Meer moet dat toch niet zijn?! 

 Nood aan een wettelijk initiatief

Maar ook bij sommige N-VA’ers is de tolerantiegrens klaarblijkelijk bereikt aangaande de taalwet overtredingen in Brussel. Kamerlid Brecht Vermeulen stelde recent: “Dat een klacht als gegrond wordt beoordeeld, betekent niet dat er een administratief vervolg komt. Hierdoor wordt de taalwetgeving in Brussel dode letter. Ik pleit er dan ook voor een systematische vervolging van inbreuken op de taalwetgeving.” Eindelijk, zou men denken. “Maar”, zo voegt hij er aan toe, “het is aan de gewesten om hier actie te ondernemen, want de minister van Binnenlandse Zaken is louter bevoegd voor de taalwet zelf, niet voor de controle hierop.” En daarin vergist hij zich. De taalwetgeving op bestuurszaken is een wetgeving die in het federale parlement wordt gestemd en desgevallend gewijzigd. Als daarin dwingend wordt gemaakt dat de VCT MOET optreden en gebruik MOET maken van het subrogatierecht, dan is dat zo. Omdat hij toch maar al te goed weet dat het door de Franstaligen gedomineerd Brussel Hoofdstedelijk Gewest nooit iets zal ondernemen, is het dan ook zaak dat het federale parlement een initiatief neemt, en dan nog liefst op aangeven van de minister van Binnenlandse Zaken. Alleen dan kan er schot komen in de zaak.

Ik zal er dan ook op blijven aandringen dat N-VA méér moet doen nu zij vanuit de Vlaamse en federale regeringen de kans heeft om een breekijzer te zetten in de halsstarrigheid van de Vlaamse onverschilligen en de Franstalige hardleersen. Als de communautaire stilstand niet doorbroken wordt en omgezet wordt in het doen zegevieren van recht en rechtvaardigheid voor de Vlaamse minderheden in Brussel en de Rand, dan heeft N-VA haar historische plicht verkwanseld voor een bord Belgische linzensoep en zullen we op dat vlak nooit nog een millimeter winst kunnen boeken. En zullen de Vlamingen in hun eigen hoofdstad als tweederangsburgers blijven behandeld worden.

Het is dan ook niet meer dan logisch dat ik alles in het werk zal blijven stellen om ten aanzien van de Vlamingen en de actieve Vlaamse Beweging die historische verantwoordelijkheid van een grote Vlaamse partij tegen het licht te blijven houden. Ik blijf alvast op de barricaden staan.

 

Barbara Pas

Splitsing van de Orde van Architecten

Op de nieuwswebstek sceptr.net konden we uitvoerig vernemen dat de De Orde van Architecten gaat gesplitst worden. Dat is een goede zaak. U kan het artikel hieronder lezen. Volledigheidshalve voegen wij er echter aan toe dat de eerste wetsvoorstellen die hierover ingediend werden in de Kamer van het Vlaams Belang kwamen: een voorstel van resolutie in 2004 en een wetsvoorstel van Barbara Pas en Bruno Valkeniers in 2008. Wellicht hebben anderen daarin hun inspiratie gevonden…  (meer…)

Brussels Airport: Brussel zet Vlaanderen het mes op de keel

Brussel zet Vlaanderen inzake het conflict omtrent ‘Brussels Airport’ het mes op de keel. De Brusselse regering negeert het belangenconflict dat de Vlaamse regering heeft ingeroepen en zal vanaf middernacht boetes uitschrijven aan te luide vliegtuigen. Vlaams Belang vindt dat het welletjes is geweest en vraagt de Vlaamse regering om haar tanden te laten zien. De Vlaamse regering moet de geldstroom van Vlaanderen naar Brussel én Wallonië dus maar ter sprake brengen.

“Brussel wil wel de lusten van een luchthaven in Vlaanderen, maar niet de lasten,” aldus Vlaams Belang-voorzitter Tom Van Grieken. “Alles wijst er op dat zij inzake Brussels Airport niet bereid zijn om tot een oplossing te komen.” (meer…)

Communautaire nieuwsbrief nr. 50

Geregeld verspreidt het Vlaams Belang een ‘communautaire nieuwsbrief’. Hierin vindt men een overzicht van de tussenkomsten, vragen en ingediende voorstellen met een communautaire invalshoek van de Vlaams Belang-parlementsleden van de voorbije weken. Via de onderstaande verwijzingen kan u rechtstreeks doorklikken naar de integrale teksten. U kunt deze nieuwsbrief voortaan ook hier raadplegen. Hieronder de 50e nieuwsbrief!

Kamer Interpellatie in commissie en motie

van Barbara Pas tot minister van Binnenlandse Zaken Jambon

De onaanvaardbare adviespraktijk van de Vaste Commissie voor Taaltoezicht inzake een aantal gewestelijke diensten die onder artikel 35, § 1 van de taalwet in bestuurszaken vallen

http://www.dekamer.be/doc/CCRI/pdf/54/ic588.pdf pg. 1

 

Kamer Schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Binnenlandse Zaken Jambon

Private bewakingsagenten – Taalverplichtingen

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0102.pdf pg. 305

 

Kamer schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Binnenlandse Zaken Jambonvbb

Be-alert – Taalgebruik

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0102.pdf pg. 291

 

Kamer schriftelijke vraag

van Barbara Pas tot minister van Post De Croo

Bpost – Sollicitatievereisten voor postbodes in Vlaams-Brabant

http://www.dekamer.be/QRVA/pdf/54/54K0102.pdf pg. 358

Goed gezegd

Hendrik Vuye en Veerle Wouters schreven een interessante column op de webstek van doorbraak.be  over het stemrecht van de buitenland-Belgen en de buitenland-Vlamingen. We kunnen de lezing ervan u ten zeerste aanbevelen. Klik HIER .

Uiteraard zal ook het Vlaams Belang in de Kamer en in het Vlaams Parlement deze zaak op de voet volgen. Zeker inzake de zogenaamde constitutieve autonomie kunnen de excellenties wat vragen en tussenkomsten van ons verwachten!