11 juli-boodschap vanuit de federale Kamer van Hendrik Vuye, Barbara Pas en Veerle Wouters: Regering-Michel bewijst nood aan Vlaams-nationaal project

Regering-Michel bewijst nood aan Vlaams-nationaal project

11 juli-boodschap vanuit de federale Kamer (op 10 juli verschenen op doorbraak.be)
Vlaams
De V-Kamerleden Hendrik Vuye, Barbara Pas (Vlaams Belang) en Veerle Wouters
foto: ©Doorbraak

De verkiezingen van mei 2014 waren communautair. Het woord ‘confederalisme’ was een van de sleutelwoorden van de campagne. In oktober volgde de communautaire stilstand. We zijn nu vier jaar later, nog een jaar van de eindmeet, misschien.

Waarom moest het communautaire in de diepvries?

De regering-Michel profileert zich in 2014 als de regering van de hoop. Voor het eerst sedert Martens VIII (1988) komt er een regering zonder de PS. De centrumrechtse coalitie zal de rekeningen op orde zetten. Alles zal anders zijn dan onder de vermaledijde regering-Di Rupo. Het begrotingsevenwicht moet er komen in 2018. Het wordt later uitgesteld naar 2019 en vervolgens zelfs over de verkiezingen getild naar 2020. Net zoals Elio het deed: zijn regeerakkoord (2011) belooft een begrotingsevenwicht in 2015, later wordt het uitgesteld naar 2016 en uiteindelijk zelfs naar 2017.

Volgens het Planbureau zakt het overheidstekort onder de regering-Michel van 3,1% bbp tot 1% in 2017 om vervolgens opnieuw te stijgen tot 1,7% bbp in 2020. Deze daling van 1,4 procentpunt is voor 1,3 te danken aan de daling van de rente en voor 0,1 aan de regering-Michel. Een begroting die 8 miljard verwijderd is van het evenwicht, dat is de vergiftigde nalatenschap van de regering-Michel. En de volgende regering zal, nog steeds volgens het Planbureau, niet meer kunnen rekenen op een lage rente.

De regering pronkt met cijfers omtrent groei en jobcreatie. Inderdaad, er is groei en er is jobcreatie, maar vergelijkt men 30 Europese landen dan staat België inzake groei op plaats 26 en inzake jobcreatie op de plaats 23.

De rekeningen zijn niet op orde. Toch moest het communautaire net hiervoor in de diepvries. De regering-Michel heeft haar bestaansreden verloochend.

Van communautaire leegte naar communautaire achteruitgang

Kort na de regeringsvorming verklaart vicepremier Jan Jambon (N-VA) in La Libre Belgique dat de communautaire stilstand maar 5 jaar zal duren. Meer kan een Vlaams-nationalistische partij zich niet veroorloven, stelt hij. In september 2016 wordt de communautaire stilstand uitgebreid tot tien jaar.

In juni 2016 wordt het Protocol van Londen gestemd. Vlaams-nationalisten hebben zich in het verleden altijd hevig verzet tegen dit dossier omdat de octrooien enkel in het Frans, Engels en Duits worden opgesteld. Voor het Nederlands is er geen plaats meer. Eén van de auteurs van dit artikel stemt tegen, de twee anderen zijn nog lid van de meerderheid maar stemmen niet, bij wijze van stil protest. De octrooiregeling wordt verder Kamerbreed gestemd. Dit was ondenkbaar voor 2014.

Ook bij de uitoefening van hun eigen bevoegdheden laten Vlaamse ministers steken vallen. Defensieminister Steven Vandeput (N-VA) bant zelfs het Nederlands in de masteropleiding van de Koninklijke Militaire School (KMS). Het Legermuseum dat werd samengevoegd met enkele andere instellingen wordt omgedoopt tot het ‘War Heritage Institute’ met ook een engelstalige domeinnaam, wat volgens de Vaste Commissie voor Taaltoezicht flagrant in strijd is met de taalwet. Het staat allemaal beschreven in De communautaire leegte (2016). Reeds vanaf de vorming van de regering-Michel is de communautaire stilstand een onmetelijk diepe communautaire vergeetput. Zelfs zaken waar álle Vlaamse partijen achter staan worden niet gerealiseerd: het stemrecht voor Vlamingen in het buitenland, het rijbewijs met punten, de fusie van de zes politiezones,…

De kers op de taart komt er in mei 2018. De regering-Michel past de taalwet gerechtszaken aan. Voortaan mag de rechter deze taalwet niet langer ambtshalve toepassen. Bovendien is een handeling in strijd met de taalwet nog slechts nietig wanneer er ook belangenschade is. De taalwet in gerechtszaken was een monument dat Vlamingen moeizaam hebben verkregen. De regering-Michel heeft het monument tot de laatste steen gesloopt. Is dit stilstaan of achteruitgaan? Er zijn er die stellen dat wij roepen aan de zijlijn. Gelukkig doen we dat, want zonder onze inzet als drie V-Kamerleden zou zelfs dit dossier in alle stilte zijn gepasseerd.

Problemen aanpakken binnen de Belgische structuren lukt niet

De regering creëert jobs, maar krijgt ze nauwelijks ingevuld. Federaal minister Kris Peeters (CD&V) en Vlaams minister Philippe Muyters (N-VA) schuiven elkaar de Zwarte Piet toe. Een communautaire stilstand lost niets op. Fons Leroy, topman van de VDAB pleit voor een zevende staatshervorming om tegen 2020 daadwerkelijk 75% van de beroepsbevolking aan het werk te krijgen. Zonder zal het niet lukken, stelt Leroy. Maggie De Block (Open Vld) klaagt dan weer de bevoegdheidsverdeling aan inzake gezondheidszorg. Terecht, een inefficiënte bevoegdheidsverdeling maakt dat we het geld door ramen en deuren gooien. Alleen wil De Block de bevoegdheid herfederaliseren, wat alleen maar betekent dat de Vlamingen de factuur zullen betalen want de taalgrens is ook een zorggrens.

Dan is er die eeuwige dooddoener. Toch een geluk dat de regering-Michel er is gelet op de migratie. Hoe zou dat geweest zijn met de PS? Wel het zou nauwelijks anders geweest zijn dan nu. Meer nog, onder de regering-Michel is de influx gemiddeld 7% hoger dan onder de regering-Di Rupo. 4 op de 5 uitwijzingsbevelen krijgen geen gevolg. Bij politieacties worden opgepakte illegalen nauwelijks uitgewezen. Bij een politieactie in West-Vlaanderen worden vele illegalen opgepakt, 1,8% wordt uitgewezen. Er is veel te doen over de 600 transmigranten in de buurt van het Noordstation. Tussen december vorig jaar en 9 mei zijn er 85 opgepakt, waarvan er 3 effectief zijn uitgewezen. 3 op 600 uitgewezen, dat is 0,5%. Bekijken we de recente cijfers van het Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen (CGVS) over asiel, dan zien we in 2018 de erkenningsgraad hoog blijft: 57% (april) en 58,2% (mei). In 2012 (regering-Di Rupo) worden 22% van de aanvragen ingewilligd, in 2016 (regering-Michel) 61,3%, in 2017 54,5%. Ter vergelijking, in Frankrijk bedraagt de erkenningsgraad in 2017 32%. We hebben het al vaak gesteld en Vlaams Parlementsvoorzitter Jan Peumans (N-VA) heeft het bevestigd: wat Theo tweet, is niet wat Theo doet.